Verhalen van telers

"Goed dat Syngenta de wortelproblematiek in paprika oppakt."

syngenta_fusarium_1132x637-2

“Goed dat Syngenta de wortelproblematiek in paprika oppakt.”

Samen met een groep telers is Syngenta een onderzoek gestart naar de oorzaak van de wortelproblematiek die nu al een aantal seizoenen optreedt in paprika. Robert Spruijt vertelt over zijn eigen ervaringen met de raadselachtige ziekte en z’n deelname aan het project.

Robert Spruijt hoefde niet lang na te denken toen hij door Syngenta werd benaderd voor deelname aan een onderzoeksproject rond de wortelproblematiek in paprika. “Ik sta daar wel open voor en ik vind het een prima initiatief; de andere deelnemers denken er net zo over. We hebben immers allemaal hetzelfde belang, we willen dit oplossen.” De teeltmanager van paprikakwekerij De Westhoek in Maasland kreeg zelf in 2022 voor het eerst te maken met de verwelkingsverschijnselen die zo typerend zijn voor wat in de volksmond ‘de wortelproblematiek’ is gaan heten. Spruijt: “In normale jaren heb je na de periode van het aanslaan en de begingroei eigenlijk nooit uitval vóór de langste dag. Maar de wortelproblematiek steekt meestal eind maart, begin april de kop op. De ziekteverwekker slaat dus toe op het moment dat de plant het zwaarder krijgt. Planten verwelken en vallen uit. En soms komen ze na 4 tot 6 weken weer terug. In ernstige gevallen kan het gaan om 10% uitval aan het eind van de teelt. En er is al eens een kas volledig geruimd vanwege de wortelproblematiek. En dan gaat het meteen om hectares.” Tot nu toe is de oorzaak van het fenomeen dus onbekend. Wel weet Spruijt dat de ziekte niet alleen zwakkere planten treft. “En het treedt op in rassen van alle veredelaars.”

Wateranalyses

In het onderzoeksproject heeft Syngenta paprikatelers uit drie belangrijke teeltgebieden samengebracht in een projectgroep. Zo’n 10 ondernemers uit Westland/Oostland, Noord-Holland en Oost-Brabant/Limburg draaien mee in een vast stramien van maandelijkse wateranalyses, gewaswaarnemingen en voortgangsbesprekingen. “We hopen uit de wateranalyses een verband te vinden tussen de laboratorium-uitslagen en het optreden van de ziekte”, vertelt Spruijt. “We kijken in de watermonsters (genomen in mat- en uitgangswater) vooral naar ziektekiemen. Ook doen we zelf gewaswaarnemingen. Alle uitkomsten worden onderling gedeeld en eens in de 2 maanden is er een bespreking. Daar leggen we de uitslagen en de gewaswaarnemingen naast elkaar om verbanden te zoeken.”

Ander substraat

Het onderzoeksproject is gestart in december 2023 en het is daarom nog te vroeg voor conclusies. desalnietemin is Spruijt positief over zijn deelname. “Syngenta heeft het allemaal goed georganiseerd met een monsterkalender, het beschikbaar stellen van materialen en de voortgangsbesprekingen. En het is sowieso leerzaam om eens ervaringen te horen van telers uit andere regio’s. Met je eigen excursiegroep zit je toch meestal in hetzelfde gebied.”

In het lopende seizoen houdt de aandoening zich tot nu rustig in paprikakwekerij De Westhoek, vertelt Spruijt. “Alle planten staan er nog. We hebben een klein beetje terugval gehad, maar nog geen uitval.” Binnen de groep is ook een initiatief ontstaan om te experimenteren met een organisch substraat. Spruijt doet daar zelf ook aan mee. “Onze eerste indruk is positief; de planten lijken weerbaarder”, besluit hij.

Wie is de schuldige?

In de wandelgangen wordt de schimmel Fusarium oxysporum nog wel eens aangewezen als de primaire oorzaak van de plantuitval in paprika. Syngenta is daar (vooralsnog) minder stellig over. Er zijn namelijk aanwijzingen dat andere pathogenen de plant eerst verzwakken voordat Fusarium oxysporum kan toeslaan. Daarom richt het onderzoek zich niet alleen op Fusarium maar ook op andere ziekteverwekkers en de teeltomstandigheden. Het uiteindelijke doel van dit Syngenta-initiatief is om in de toekomst pro-actief te kunnen handelen om het optreden van de ziekte te voorkomen.

Wilt u op de hoogte blijven van de voortgang en uitkomsten van dit project, meldt u zich dan hier aan