Hoe was het klimaat tot nu toe en hoe hebben de planten hierop gereageerd?
Vanaf begin juli zijn de weersomstandigheden en instraling wat wisselend. De absolute lichtsom vanaf begin juli tot midden-augustus is iets lager dan het meerjarig gemiddelde.
Door het zéér lichtrijke voorjaar en vroege zomer is de cumulatieve lichtsom toch nog steeds ruim hoger. In de grafieken zien we dat de cumulatieve lichtsom vanaf week 1 tot en met week 33 maar liefst 53.000 J/cm2 (18%) hoger is dan vorig jaar en 14% hoger is dan het meerjarig gemiddelde!
Lichtsommen in West Nederland, tot en met week 33
Impact op de gewasstand / plantbelasting
Door het vele licht liggen de producties bij alle segmenten over het algemeen hoger dan vorig jaar.
In de voorgaande weken was bij de snoeptomaten de uitgroeiduur zo’n beetje op het minimum van zo’n 35-37 dagen. Dit gaat vanwege de afnemende instraling vanaf nu weer oplopen.De plantbelastingen die we onderweg zien variëren enorm; van zo’n 500 tot ruim 650 stuks per m2.
We zien, net als andere jaren, de luchtvochtigheid buiten en in de kas weer oplopen met als gevolg oplopende bladlengtes.
Actuele situatie van onze rassen
Plantkracht en vruchtgewicht:
Prodelle en Duelle houden makkelijk voldoende sterke trossen, ook met het huidige warme weer. Het percentage splijttrossen is ongeveer 50-70%, soms zelfs nog hoger. De gewassen staan overal goed in balans met ‘n goede bloemaanmaak en een mooi vlotte zetting. De plantbelasting ligt mede daardoor over het algemeen boven die van Sweetelle. Opvallend blijft het hogere waterverbruik bij Prodelle en Duelle t.o.v. Sweetelle, in alle weersomstandigheden. Het vruchtgewicht is ongeveer 11 – 12.5 gram. De kwaliteit en houdbaarheid zijn goed.
Snoeien en plantbalans:
Vanaf nu moet ook bij Prodelle en Duelle de plantbelasting goed in de gaten gehouden worden. We adviseren om de 3-takkers op 2 te zetten. Bij zwakkere planten mag de tros verenkeld worden om het gewas goed uniform te houden. De meeste telers zijn in de warmere weken gestopt met een blaadje uit de kop mee te nemen.
Verdamping, watergift en bemesting:
Houd in het staartje van de zomer bij voorspeld warm weer goed de verdamping en watergift in de gaten. Blijf tot zeker half september aansturen op voldoende beschikbaar calcium voor de plant.
Adorelle
Adorelle heeft een robuust planttype dat zeer goed overweg kan met het vele licht en ‘t warme weertype dat we deze zomer gehad hebben. Er is de hele zomer door een blaadje mee uit de kop genomen.
Wij adviseren om Adorelle vanaf nu tot het einde van de teelt maximaal generatief te sturen. Twijfel niet om een kopblaadje mee te blijven nemen, zeker als het gewas wat extra generatieve sturing nodig heeft. De plantbelasting is zeker niet te hoog, vruchtsnoei zal dus nog niet direct nodig zijn.
Werk bij een minder generatief weertype met een goede piektemperatuur in de middag en een voldoende lage voornacht (12-13°C, indien mogelijk) om de troskracht en zetting te stimuleren. De etmaal mag gerust zo rond de 21°C zijn bij een lichtsom van 2000J/cm2. Als de lichtsom verder terugloopt moet uiteraard een lagere etmaaltemperatuur nagestreefd worden.
Sweetelle
De gewassen staan (iets) open maar de troskracht is over het algemeen voldoende. Na de hittegolf rond eind juni/begin juli is de plantbelasting fors teruggelopen waardoor de gewassen daarna vlotter herstelden van die periode. De gemiddelde plantbelasting ligt nu op zo’n 550 tot net iets boven de 600 vruchten per m2. Het percentage splijttrossen is rond half juli teruggelopen tot zo’n 15% en loopt nu weer op naar 30-50%. De aanmaak per week varieert flink per teler maar is meest ongeveer 80 tot 105 stuks per m2.
Vanaf half augustus mag de wekelijkse vruchtaanmaak iets teruglopen (zie ook bij “plantkracht behouden”). Als er teveel vruchten aangemaakt worden zal dit ten koste gaan van de plantkracht en resulteren in een lager gemiddeld vruchtgewicht.
De meeste telers zijn in de zomer gestopt met een blaadje uit de kop nemen. Als de warme periode achter de rug is kan er, als het gewas het toelaat, direct weer een blaadje uit de kop genomen worden..
Tatoo, Baldomero en Bamano
De gewassen van deze drie rassen staan opvallend goed in balans, mede ook dankzij het punten. De zetting is zeer goed.
Zelfs bij hoge plantbelastingen blijven deze rassen zeer veel splijttrossen geven waardoor de plantbelasting makkelijk hoog blijft. We adviseren daarom ook om te blijven snoeien/punten, dit om de plantbelasting te sturen en de balans in het gewas te houden.
Tot ongeveer begin augustus was het bij Baldomero en Bamano niet nodig een blaadje uit de kop halen. Vanaf nu (midden augustus) kan hier terug mee gestart worden als het gewas het toelaat.
Climundo
Climundo heeft een stabiel planttype met veel uithoudingsvermogen en een vlotte bloemontwikkeling; ook nu nog zien we rond de 7 tot 9 bloemen per tros. De gewasvulling is gemiddeld en de troskracht en zetting zijn goed.
Door deze hoge bloemaanmaak en goede zetting zien we dat Climundo het ook goed doet in de teelten waar los geoogst wordt.
We hebben Climundo leren kennen als een ras met een opmerkelijk hogere kalibehoefte. Houd daarom het kalicijfer goed in de gaten en pas tijdig aan. Daarnaast is Climundo zeer sterk tegen neusrot; een aanpassing (verhoging) van de kaligift is niet direct een gevaar voor de gevoeligheid voor neusrot.
Macrolophus lijkt zich (zeer) makkelijk te ontwikkelen op Climundo. Let er op dat de macrolophuspopulatie niet te hoog oploopt (boven de ong. 7-10 per plant).
Romidoro (TIAM23-4633) en Romanto (TIAM23-4621)
Onze nieuwe ToBRFV resistente pruimtomatenrassen Romidoro en Romanto zijn inmiddels commercieel beschikbaar.
De Romidoro lijkt qua gewas-en vruchttype wat meer op Romindo, de Romanto lijkt qua gewas-en vruchttype meer op Romatico. Beide maken wel duidelijk méér bloemen en vruchten aan en zijn iets groeikrachtiger dan de vergelijkbare rassen waardoor de productiepotentie zeer hoog is. Dit is ook meermaals bevestigd in de rassenproeven in binnen- en buitenland. Beide rassen zijn toppers met ToBRFV resistentie!
Adviezen omtrent klimaatsturing en watergift voor de komende 6-8 weken (nazomer)
Toenemende luchtvochtigheid in de nazomer
De komende periode kenmerkt zich door relatief hoge buitentemperaturen in combinatie met een snel afnemende instraling. Streef in het geval van verwachte hoge etmaaltemperaturen naar het zoveel mogelijk drukken van de kastemperaturen. De (buiten)luchtvochtigheden lopen ook weer op: ’s morgens is het kasdek weer nat van het condens en het vochtdeficiet is soms weer vaker rond de 1gr per m3! Ook met het huidige warme weertype moet het gewas in de nanacht en vroege ochtend eerst opgewarmd zijn voordat er (vlot) doorgelucht kan worden. Activeer ’s morgens het gewas voldoende zodat het al goed verdampt als de zon doorkomt. Daarna kan er in de ochtend vlot doorgelucht worden met een luchtlijn kort op de stooklijn.
Klimaat en zetting
Streef bij een (eventueel) inactief buitenklimaat altijd naar een flinke DIF door middel van een middagpiek (met eventueel een lichtverhoging) om het gewas goed te activeren en daardoor generatief te sturen. Dit is zeker ook in de nazomer belangrijk! Hiermee bevorderen we de bloemkwaliteit en afbloei. Een mooi richtpunt is maximaal 3 bloemen open te hebben per tros. Meer dan 3 open bloemen per tros geeft aan dat de afbloei te traag gaat. Een te hoge dagtemperatuur moet in de nacht gecompenseerd worden, dit om een te hoge etmaaltemperatuur te voorkomen. Gedurende de namiddag en avonduren kunnen de luchtramen eventueel geknepen worden, hoofzakelijk aan de windzijde. Op deze manier kan de kastemperatuur onder de buitentemperatuur gehouden worden.
CO2 en schermgebruik
Geef – indien beschikbaar- voldoende CO2 als het weertype het toelaat, dit om de plant generatief te sturen en te assimilatie te optimaliseren. Bij een warmer weertype met kastemperaturen boven de 30°C en zwakkere gewassen kan de CO2 dosering sterk verlaagd worden, zeker als het vochtdeficiet erg hoog is.
Let altijd op met het gebruik van klimaatschermen om licht weg te schermen, onjuist gebruik kan de gewassen makkelijk doen verzwakken.
Verdere teelttechnische aandachtspunten voor komende 6 tot 8 weken
Plantkracht behouden door sturing van de plantbelasting
Het is van belang voldoende kracht in het gewas te houden naar het najaar toe. De uitgroeiduur van de vruchten zal bij snoeptomaten vanaf half augustus elke week met ongeveer 1.5 dag toenemen waardoor de plantbelasting weer iets kan oplopen. Zoals eerder aangegeven zullen de instraling en lichtsom zullen rond deze tijd juist verder afnemen terwijl het vocht en de buitentemperaturen juist relatief hoog zijn. Snoeien zal, zeker in deze tijd van het jaar, geen productie hoeven te kosten en zal de oogstnorm verhogen. Een vuistregel is om bij snoeptomaten te sturen op een vruchtaanmaak van ongeveer 85-90 vruchten per m2 per week tot eind augustus, 70-75 tot 3de week september en 65 tot einde teelt. Een richtlijn is om vanaf nu sowieso bij de 4de tros van boven de nabloei weg te halen en bij een hogere aanmaak zoals hierboven aangegeven bij de 3de tros van boven de nabloei weg te halen.Bij zwakkere planten kan er incidenteel een (deel van een) tros uitgehaald worden om de gewassen wat gelijker te krijgen.
Watergift strategie
Teruglopende verdamping / EC / pH
Voldoende voeding aanbieden
De komende periode zal de verdamping langzaamaan afnemen. Het is belangrijk om bij een lagere verdamping voldoende voeding aan te bieden! We zien anders snel bleke koppen en fletse bloemen. Bij een watergift van minder dan ongeveer 25 liter per m2 per week kan er beter niet onder de 3 mS gedruppeld worden. Uiteraard stijgt de EC gemakkelijk tijdens een periode van eventueel warmer weer. Verlaag de druppel EC ook dan echter niet te veel, de plant heeft voldoende voeding nodig. Laat de druppel EC liefst niet onder de 2,5 mS zakken.
Watergift bij vochtiger weer
Pas op met de watergift in de namiddag met toenemend vocht en kortere dagen. Een stelregel blijft: bij twijfel beter niet gieten. Het is beter ’s avonds een aanvulbeurt te geven om het gewenste vochtniveau te bereiken. Teer minimaal zo’n 12% in gedurende de nacht om de wortels sterk te houden.
Ziekten en plagen
Schimmels - We zien onderweg best wat problemen met cladosporium (ook wel bladvlekkenziekte genoemd) bij rassen die niet resistent zijn. Zeker met wisselende vochtomstandigheden in de kas ontwikkeld deze schimmelziekte zich gemakkelijk. Het beste is om te kiezen voor resistente rassen.
Algemene tips voor de komende periode
Bevlieging - Houdt de bevlieging goed in de gaten. Bij een minder goede bloemkwaliteit (door welke omstandigheid dan ook) is de bloem minder aantrekkelijk voor de hommels. Als de omstandigheden voor de hommels weer beter zijn moeten ze vaak veel bloemen bevliegen; voldoende (nieuwe) hommels beschikbaar hebben is dan belangrijk.
Coatings - Eventueel gebruikte coatings op het dek kunnen na begin september weer verwijderd worden. Gewassen worden onnodig zwak als ze te lang op het dek liggen.
Dit was de laatste gewasinfo voor deze teelt, de volgende verschijnt bij de start van de nieuwe teelt in januari.
Wij wensen ieder een succesvol laatste deel van de teelt!